Hof Arnhem-Leeuwarden: Een erfstelling in een concepttestament heeft geen gevolgen voor de erf stelling in het laatste geldige testament.
Een man en een vrouw waren gehuwd in gemeenschap van goederen en hadden twee kinderen. In 2012 hieven zij de huwelijksgemeenschap op door huwelijkse voorwaarden te maken en iedere huwelijksgemeenschap uit te sluiten. Bij de verdeling van de ontbonden huwelijksgemeenschap in 2012 werd aan de man het ondernemingsvermogen, het bedrijfspand en de hypotheekschuld op het bedrijfspand en aan de vrouw het appartement en de hypotheekschuld daarop toegedeeld. De man moest aan de vrouw vanwege overbedeling € 72.232 betalen, welke schuld was omgezet in een schuld uit geldlening. In 2017 overleed de man. In zijn testament van 2006 was zijn voormalige echtgenote als enig erfgenaam benoemd en na echtscheiding zijn broer. Ten tijde van het overlijden lag er een concepttestament, waarin alle eerder gemaakte uiterste wilsbeschikkingen werden herroepen en de vrouw en zijn kinderen tot erfgenamen waren benoemd. Dit concept was niet omgezet in een testament. Tussen de vrouw en de broer is in geschil wie erfgena(a)m(en) is/zijn van de man. De rechtbank verklaarde voor recht dat de broer alleen erfgenaam was ingeval de i man ongehuwd en kinderloos overleed. Het Hof was het hiermee niet eens. In het testament was namelijk niet verwoord dat de erfstelling niet gold als de man hertrouwde en afstammelingen achterliet. Het Hof was niettemin van mening dat de broer toch de enige erfgenaam was. Dat de man uiteindelijk het concepttestament niet definitief had laten maken, kan betekenen dat hij al dacht dat het geregeld was, maar ook dat hij (nog) niet akkoord ging met het concept.
Bron: Hof Arnhem-Leeuwarden. 22 maart 2022, ECLI:NL:GHARL:2022:2169
