Admarcon
Cafetafel bij een beregend raam met een krant, koffie en een lime paraplu aan de tafelrand

Home Nieuws Minister Kaag kondigt handhaving UBO-register aan

Minister Kaag kondigt handhaving UBO-register aan

Minister Kaag laat weten dat er aangevangen wordt met de handhaving van het UBO-register. De handhaving zal zo veel mogelijk risk based zijn.

Op 27 maart 2022 waren van circa 52% van alle registratieplichten juridische entiteiten de UBO’s geregistreerd. Het niet voldoen aan de registratieplicht in het UBO-register betekent een overtreding van de Handelsregisterwet en is daarnaast een delict volgens de Wet op de economische delicten. Dat betekent dat verschillende sancties opgelegd kunnen worden, waaronder een bestuurlijke boete, een last onder dwangsom, en in zeer uitzonderlijke gevallen een gevangenisstraf. De handhaving wordt zoveel mogelijk risico gebaseerd ingericht. Dit betekent praktisch dat binnen de beschikbare capaciteit voorrang wordt gegeven aan handhaving op die juridische entiteiten waar de risico’s op witwassen en financieren van terrorisme het hoogst zijn. Voor deze groep met verhoogd risico heeft handhaving de meeste meerwaarde. Dat neemt niet weg dat de overige registratieplichten juridische entiteiten eveneens wettelijk gehouden zijn opgave te doen. Deze zijn niet vrijgesteld van handhaving. Op deze juridische entiteiten zal steekproefsgewijs gehandhaafd worden. Om te voorkomen dat een langere verwerkingstijd leidt tot verstoring van dienstverlening door meldingsplichten instellingen aan nieuwe cliënten, geldt in ieder geval tot 1 september 2022 dat de meldingsplichten instelling kan volstaan met de vaststelling dat de opgave is gedaan, met de uitleg van de cliënt welke UBO-gegevens en onderliggende documentatie daarbij zijn opgegeven. De meldingsplichten instelling blijft uiteraard altijd – ongeacht of een juridische entiteit wel of niet (tijdig) aan de registratieplicht heeft voldaan – verantwoordelijk voor het cliëntenonderzoek, waaronder het adequaat vaststellen van de UBO’s.

Bron: Ministerie van Financiën, 14 april 2022, nr. 2022-0000091903