De Belastingdienst wijst ondernemers op een van de wijzingen in de Fiscale Verzamelwet 2026. Als de Fiscale Verzamelwet 2026 door de Eerste Kamer wordt aangenomen, dan geldt er vanaf 1 januari 2026 een verplichte btw-vrijstelling voor verschillende vormen van schuldhulpverlening.
Het gaat specifiek om diensten die samenhangen met bepalingen in het Burgerlijke Wetboek (BW). De btw- vrijstelling geldt voor diensten op het gebied van onder curatele-stellingen (artikel 1:378 Burgerlijke Wetboek), bewindvoering- situaties (artikel 1:431 Burgerlijk Wetboek), mentorschap (artikel 1:450 Burgerlijk Wetboek), en budgetbeheerder dat niet valt onder de in het BW opgenomen bewindsvoering. Het gaat bij budgetbeheerder om de werkzaamheden zoals omschreven in artikel 1 van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening. Dit zijn werkzaamheden om problematische schulden te voorkomen dan wel op te lossen. Het maakt niet uit of iemand al eerder problematische schulden heeft gehad. Als iemand na de wijziging alleen nog vrijstelde diensten lever, dan kan hij zicht bij de Belastingdienst afmelden voor het doen van btw-aangifte. Er moet dan – naast een eventuele wijziging van de activiteiten bij de KvK – een brief naar de Belastingdienst worden gestuurd met de NAW-gegevens (naam, adres en woonplaats) en een verwijzing naar de wetswijziging per 1 januari 2026. Er kan door de overgang van belaste naar vrijgestelde prestaties sprake zijn van een herziening van de eerder afgetrokken btw. Voor herziening gelden een aantal specifieke regels afhankelijk van het soort goed en de verrichte diensten. In gevallen waarin er naast de van btw vrijgestelde schuldhulpverlening ook met btw belaste diensten worden aangeboden, blijft de verplichting om btw-aangifte te doen bestaan.
Bron: Belastingdienst, 29 oktober 2025